Mededelingen aan de pers
In de Raad Justitie en Binnenlandse Zaken (JBZ) komen ongeveer om de twee maanden de ministers van Justitie en de ministers van Binnenlandse Zaken bijeen om de ontwikkeling en de uitvoering van de samenwerking en het gemeenschappelijk beleid in deze sector te bespreken. Het totstandbrengen van een ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid is een hoofddoel van het Verdrag betreffende de Europese Unie. Over de meeste zaken op dit gebied wordt met eenparigheid van stemmen en na raadpleging van het Europees Parlement een besluit genomen. Over een aantal zaken (uitgifte van visa en justitiële samenwerking in civiele zaken) wordt echter met gekwalificeerde meerderheid een besluit genomen, na raadpleging van, of volgens de medebeslissinsgprocedure met het Europees Parlement, afhankelijk van het onderwerp.
De lidstaten zijn halverwege de jaren 70 op een informele, intergouvernementele basis buiten het communautaire kader gaan samenwerken op het gebied van Justitie en Binnenlandse Zaken. In 1990 hebben Duitsland, Frankrijk en de landen van de Benelux het Akkoord van Schengen ondertekend, hetgeen een grote stap was in de richting van samenwerking tussen de lidstaten op dit gebied. In de daaropvolgende jaren zijn verscheidene lidstaten tot het Akkoord van Schengen toegetreden. Doel van het akkoord was het invoeren van een daadwerkelijk vrij verkeer van personen, zonder controle aan de binnengrenzen, en tegelijkertijd te voorzien in begeleidende maatregelen op het gebied van de controle aan de buitengrenzen, het visumbeleid en politiële en justitiële samenwerking in strafzaken.
Het Verdrag betreffende de Europese Unie, dat in november 1993 in werking is getreden, ging een stap verder door Justitie en Binnenlandse Zaken op te nemen in zijn institutionele kader, waardoor een nieuwe dimensie werd toegevoegd aan de opbouw van Europa.
Met de inwerkingtreding van het Verdrag van Amsterdam in mei 1999 zijn de Schengenvoorschriften opgenomen in het institutionele raamwerk van de Europese Unie. Een van de hoofddoelen van het Verdrag is de handhaving en de ontwikkeling van de Unie als ruimte van vrijheid, veiligheid en rechtvaardigheid, waarin sprake is van vrij verkeer van personen in combinatie met passende maatregelen met betrekking tot controle aan de buitengrenzen, asiel, immigratie en de voorkoming en de bestrijding van criminaliteit.
Er dient op te worden gewezen dat Denemarken, het Verenigd Koninkrijk en Ierland aan een aantal JBZ-onderdelen niet geheel, of onder bepaalde voorwaarden deelnemen. Het Verenigd Koninkrijk en Ierland nemen met name niet deel aan de Schengenvoorschriften over het vrije verkeer van personen, de grenscontrole en het visumbeleid. Derhalve stemmen de vertegenwoordigers van deze landen in de Raad niet over deze aangelegenheden.
|